Droogijs. In de medische wereld wordt er veel gebruik van gemaakt, bijvoorbeeld bij het transporteren van organen. Maar waarom? En wat maakt droogijs zo geschikt in de medische en farmaceutische industrie?

Droogijs: de eigenschappen

Als je er voor het eerst van hoort klinkt het erg onwaarschijnlijk: droogijs. Toch is het echt droog ijs zoals de benaming al doet vermoeden. Het ijs wordt namelijk gemaakt van koolstofdioxide, in plaats van water… De koolstofdioxide wordt na expansie onder hoge druk samengeperst. We spreken van droogijs omdat het koolstofdioxide vanuit die vaste fase direct overgaat naar de de gasfase. Het gas wat dan gevormd wordt, is hetzelfde gas als bijvoorbeeld de prik/bubbels in frisdranken.

Droogijs is gifvrij, inert, onontbrandbaar, kleurloos, smaakloos, reukloos, bacteriostatisch, schimmeldodend en vrij van reststof. Het laat zich dan ook perfect gebruiken voor onder andere koelen en vriezen. Droogijs heeft een temperatuur van gemiddeld -79 en smelt (nouja, in termen van droogijs noem je het ‘sublimeren’) langzaam. Meer over droogijs.

Droogijs bij orgaantransport

In de medische wereld (ziekenhuizen, klinieken, enzovoorts) en in de biologie wordt veel en dankbaar gebruik gemaakt van droogijs als koelmiddel. Zo worden onder andere bloedplasma, menselijke botten en organen (beschikbaar voor transplantatie of onderzoek) en microscopische preparaten vervoerd en getransporteerd onder koeling van droogijs. Hetzelfde geldt in de farmaceutische industrie voor het transporteren van temperatuurgevoelige medicijnen, onderzoekspreparaten en vloeistoffen.

Kortom: naast voeding en dranken laten ook medische en farmaceutische producten zich gemakkelijk, veilig en goed koelen voor dankzij droogijs.